Assessment · Uitleg en oefeningExclusie oefenen: welke figuur hoort er niet bij?
Exclusie oefenen betekent zoeken naar de figuur die een gedeelde eigenschap mist. Je vergelijkt meerdere afbeeldingen en probeert hun gemeenschappelijke regel te benoemen. Daardoor kun je jouw keuze uitleggen. Een opvallend verschil is pas bruikbaar wanneer de overige figuren een duidelijke groep vormen.

Exclusie oefenen begint met dezelfde kenmerken
Bekijk bij iedere figuur eerst vorm, aantal, positie, vulling en richting. Gebruik daarbij steeds dezelfde volgorde. Anders vergelijk je bijvoorbeeld kleur bij de eerste figuur en grootte bij de tweede. Schrijf vervolgens op welk kenmerk bij bijna alle figuren gelijk is. Een kandidaatregel kan zijn dat iedere afbeelding drie gesloten vormen bevat. Controleer daarna of precies één afbeelding hiervan afwijkt. Zo maak je de vergelijking concreet en blijft je uitleg toetsbaar.
Zoek wat de andere figuren verbindt
Een figuur kan om verschillende redenen opvallend lijken. Misschien staat zij iets anders of heeft zij een donkerder vlak. Vraag daarom ook wat de overige figuren gezamenlijk hebben. Als drie figuren spiegelsymmetrisch zijn en één figuur niet, ontstaat een heldere groep. Daarnaast controleer je of het verschil werkelijk zichtbaar is. Een regel die alleen met een vergezochte interpretatie werkt, geeft minder houvast dan een eenvoudige eigenschap die alle passende figuren delen.
Vergelijk onderlinge relaties binnen een afbeelding
Soms wisselen de losse vormen, terwijl de relatie hetzelfde blijft. In iedere afbeelding kan bijvoorbeeld een kleine vorm binnen een grotere vorm staan. Een afwijkende afbeelding zet de kleine vorm juist erbuiten. Kijk dus ook naar binnen en buiten, raken en losstaan, of gelijke en ongelijke aantallen. Vervolgens test je die relatie bij iedere optie. Daardoor voorkom je dat een andere buitenvorm je afleidt van de werkelijke overeenkomst tussen de afbeeldingen.
Maak onderscheid tussen draaien en veranderen
Een gedraaide vorm kan bij dezelfde groep blijven horen. Het aantal hoeken of de verbinding tussen onderdelen verandert door een gewone draaiing namelijk niet. Bekijk daarom eerst zulke vaste eigenschappen. Daarna onderzoek je of richting zelf onderdeel van de bedoelde regel is. Bij exclusie oefenen helpt een herkenbaar ankerpunt om de vergelijking vol te houden. Volg bijvoorbeeld een inkeping of markering. Zo kun je een spiegelbeeld onderscheiden van een vorm die alleen anders is gedraaid.
Test een twijfelachtige keuze met een tegencontrole
Formuleer jouw regel in één zin en vervang daarin achtereenvolgens iedere figuur. Passen alle figuren behalve jouw keuze? Dan ondersteunt de regel het antwoord. Passen er twee niet, dan moet je verder onderzoeken. Bovendien mag je de regel niet per afbeelding aanpassen. Een vaste eigenschap is voor de hele groep gelijk. Noteer bij twijfel twee mogelijke regels en controleer welke met de gegeven instructie en antwoordopties de duidelijkste, eenduidige indeling oplevert.
Oefen de gemiste eigenschap opnieuw
Schrijf na een fout op waarop je ten onrechte lette. Misschien koos je de grootste figuur, terwijl de opgave om symmetrie draaide. Maak vervolgens zelf een kleine set met één afwijkende eigenschap. Verander daarbij slechts één onderdeel. Bij exclusie oefenen zie je daardoor precies welk verschil doorslaggevend is. Herhaal daarna met nieuwe afbeeldingen en bouw pas later tijdsdruk op. Zo train je een vaste manier van vergelijken, terwijl de inhoud van de opgaven blijft wisselen.
Exclusie oefenen: een oefenvraag
Drie vormen zijn gegeven: een vierkant, een rechthoek en een driehoek. Welke hoort er niet bij wanneer de regel 'vier zijden' is?
Controleer je antwoord
Antwoord C: De driehoek
Het vierkant en de rechthoek hebben beide vier zijden. De driehoek heeft er drie en voldoet daardoor niet aan de expliciet gegeven regel.
Veelgestelde vragen: exclusie oefenen
Is de opvallendste figuur meestal de juiste keuze?
Dat kun je niet aannemen. Zoek een duidelijke eigenschap die de andere figuren delen. Opvallende kleur of grootte kan een afleider zijn.
Wat als meerdere figuren op een andere manier afwijken?
Controleer de instructie en zoek een regel die de overige figuren als één duidelijke groep verklaart. Een goede oefenvraag voorkomt onbeslisbare varianten.