Rijtheorie · Uitleg en oefeningParkeren of stilstaan: regels en verkeersborden
Het verschil tussen parkeren en stilstaan hangt af van wat je doet, niet alleen van hoe lang het duurt. Direct iemand laten in- of uitstappen valt anders uit dan in de auto op die persoon wachten. Ook een draaiende motor maakt parkeren niet tot toegestaan stilstaan. Lees daarom eerst het doel van de stop en daarna de plaatselijke verboden.

Parkeren en stilstaan aan het doel herkennen
De wettelijke parkeerdefinitie maakt een uitzondering voor de tijd die nodig is voor onmiddellijk in- of uitstappen en onmiddellijk laden of lossen van goederen. Buiten die uitzonderingen kan kort wachten dus al parkeren zijn. Iemand die thuis zijn jas zoekt, stapt bijvoorbeeld niet onmiddellijk in. Het maakt dus niet uit dat jij blijft zitten. Stoppen omdat het verkeer, een rood licht of een aanwijzing dat vereist, beoordeel je afzonderlijk van zo’n vrijwillige stop.
Bord E1: een verbod om te parkeren
E1 is het blauwe ronde bord met rode rand en één diagonale rode streep. Je mag daar niet parkeren. Onmiddellijk een passagier laten uitstappen kan bij alleen dit verbod mogelijk zijn, zolang andere regels en de verkeerssituatie het toelaten. Het bord geeft dus geen toestemming om op een fietsstrook of zebrapad te stoppen. E1 geldt aan de zijde van de weg waar het bord staat. Let ook op een eventuele zoneaanduiding en aanvullende onderborden.
Bord E2: ook stilstaan is verboden
Bij het blauwe bord met rode rand en een rood kruis, E2, mag je niet vrijwillig stilstaan. Ook iemand direct afzetten is daar dus niet toegestaan. Alarmlichten veranderen die regel echter niet. Kies een andere plek voordat je passagier uitstapt. Stoppen op een verboden plaats kan bovendien het zicht van anderen wegnemen. Daardoor ziet een fietser bijvoorbeeld een overstekend kind later. Beoordeel dus zowel de betekenis van het bord als de ruimte rond je auto.
Waar mag je zonder bord niet stilstaan?
Een stopverbod kan namelijk rechtstreeks uit de verkeersregels volgen. Je mag onder meer niet stilstaan op een kruispunt, op een overweg, op een fietsstrook of op de rijbaan naast een fietsstrook. Ook op een oversteekplaats en binnen vijf meter daarvan is vrijwillig stilstaan verboden. Een tunnel en een gele doorgetrokken streep zijn andere voorbeelden. Daarom mag je daar ook zonder E2-bord niemand afzetten.
Parkeren en stilstaan bij een hoek of uitrit
Parkeren mag niet binnen vijf meter van een kruispunt en niet voor een inrit of uitrit. Op het kruispunt zelf geldt al het verbod om stil te staan. Buiten de bebouwde kom mag je niet op de rijbaan van een voorrangsweg parkeren. Ook dubbel parkeren is verboden. Zoek een parkeervak wanneer een aangeduide parkeergelegenheid met vakken is ingericht. Een vrije strook naast de vakken is dus geen extra parkeerplaats.
Laden en lossen is geen algemene boodschapstop
Het onmiddellijk laden of lossen van goederen verschilt van een bezoek aan een winkel of balie. Dat je iets gaat ophalen, maakt de hele wachttijd niet vanzelf laden en lossen. Lees daarom wat de bestuurder doet. Denk aan een auto bij E1: een passagier stapt direct uit, maar daarna blijft de bestuurder tien minuten telefoneren. De eerste handeling kan onder de uitzondering vallen; tijdens het telefoongesprek staat de auto geparkeerd.
Parkeren en stilstaan: een oefenvraag
Je blijft drie minuten in de auto zitten om op iemand te wachten bij bord E1. Hoe wordt dit beoordeeld?
Controleer je antwoord
Antwoord A: Als parkeren.
Wachten op iemand die nog moet komen valt niet onder onmiddellijk in- of uitstappen. Het is daarom parkeren, ook wanneer je blijft zitten.
Veelgestelde vragen: parkeren en stilstaan
Mag ik bij E2 heel kort iemand laten uitstappen?
Nee. E2 verbiedt ook het vrijwillig stilstaan dat nodig is om iemand direct te laten uitstappen.
Mag ik met alarmlichten op een fietsstrook stoppen?
Nee. Alarmlichten heffen het stopverbod op of langs een fietsstrook niet op.