Rijtheorie · Uitleg en oefeningTheorie-examen auto: hoeveel vragen en fouten?
Het theorie-examen auto toetst of je verkeersregels begrijpt en veilig kunt toepassen. Je krijgt 50 vragen die meetellen voor je uitslag, plus twee testvragen. Met minimaal 44 goede antwoorden ben je geslaagd. Hieronder ontdek je hoe je die kennis vertaalt naar een rustige voorbereiding.

Hoe het theorie-examen auto is opgebouwd
Voor het gewone examen heb je 30 minuten. De twee testvragen tellen niet mee voor je resultaat, maar je beantwoordt ze wel. Vooraf krijg je daarnaast twee oefenvragen om aan de bediening te wennen. Houd deze drie aantallen uit elkaar: oefenvragen vóór de start, meetellende examenvragen en testvragen tijdens het examen. Daardoor raak je niet in de war wanneer je meer dan 50 vragen ziet.
Zes fouten is de grens, geen leerdoel
Van de 50 meetellende vragen moeten er 44 goed zijn. Daarmee mag je maximaal zes fouten maken. Richt je voorbereiding echter niet op precies die grens. Wanneer je tijdens oefenen telkens nét voldoende haalt, kan één leesfout verschil maken. Kijk daarom ook naar je uitleg: kun je vertellen waarom een antwoord klopt? Een geraden goed antwoord laat minder beheersing zien dan een goed onderbouwde keuze.
Lees wat de vraag werkelijk vraagt
Een afbeelding kan meerdere verkeersregels tegelijk laten zien. Bepaal eerst wat jij moet beantwoorden. Gaat het over voorrang, toegestane snelheid of verstandig handelen? Let daarna op woorden zoals moet, mag en veilig. Die woorden vragen niet altijd om dezelfde afweging. Bekijk vervolgens de borden, wegmarkering en andere weggebruikers. Kies pas een antwoord wanneer je de vraag en de situatie bij elkaar hebt gebracht.
Zo vraagt een snelheidsbord naar een wettelijke grens, terwijl een verborgen uitrit om vooruitdenken vraagt. Daarom lees je eerst de opdracht. Vervolgens koppel je alleen de relevante informatie aan je antwoord, zodat een opvallend detail je niet afleidt.
Oefen ook de verschillende vraagvormen
Het theorie-examen auto gebruikt meer dan alleen een keuze tussen A, B en C. Er bestaan onder meer sleepvragen, invulvragen, hotspotvragen en vragen waarbij meerdere antwoorden juist kunnen zijn. Leer daarom wat de bediening van elke vraagvorm betekent. Bij een volgordevraag bepaal je bijvoorbeeld eerst de volledige volgorde. Bij meerdere juiste antwoorden controleer je iedere optie afzonderlijk, zodat je niet na het eerste goede antwoord stopt.
Verdeel je aandacht over de onderwerpen
Besteed niet al je studietijd aan verkeersborden. Ook voertuigkennis, verantwoord rijgedrag, weggebruik en handelen in noodsituaties horen bij de voorbereiding. Maak na het oefenen een korte lijst met je zwakke onderwerpen. Schrijf naast iedere fout de regel die je miste. Zoek vervolgens een andere situatie met dezelfde regel. Zo merk je of je het principe begrijpt, in plaats van alleen een bekende afbeelding te herkennen.
Regel de praktische voorbereiding op tijd
Controleer vóór vertrek je reserveringsnummer en een geldig identiteitsbewijs. Het CBR vraagt je een kwartier voor je examen aanwezig te zijn. Plan dus ook je reis en zoek vooraf de juiste locatie op. Neem op de laatste avond liever je foutenlijst door dan steeds nieuwe onderwerpen te openen. Tijdens je voorbereiding kun je bovendien een oefensessie met een klok doen, zodat aandacht verdelen vertrouwd voelt.
Theorie-examen auto: een oefenvraag
Je hebt bij een oefensessie 43 van de 50 meetellende autotheorievragen goed. De twee testvragen heb je ook goed. Is dat voldoende volgens de huidige slaaggrens?
Controleer je antwoord
Antwoord B: Nee, je hebt minimaal 44 meetellende vragen goed nodig.
De testvragen tellen niet mee. Je blijft dus op 43 van de 50 en mist één goed antwoord. Controleer bij oefenen altijd welke score je werkelijk vergelijkt met de slaaggrens.
Veelgestelde vragen: theorie-examen auto
Hoe lang duurt het gewone theorie-examen auto?
Je hebt 30 minuten. Een examen met extra tijd of individuele begeleiding duurt 45 minuten.
Zijn de oefenvragen op deze pagina officiële examenvragen?
Nee. Dit is een eigen oefenvoorbeeld dat helpt om de examenopbouw te begrijpen.